Ter gelegenheid van de herdenking van het overlijden van onze profeet Mohammed v.z.m.h.

Toen de profeet v.z.m.h. zijn islamitische boodschap had verkondigd, het hem toevertrouwde boodschap had volbracht en de leidraad aan mensheid had overhandigd, werd de soeraat an-nasr geopenbaard die verwijst naar de naderende dood van de profeet v.z.m.h. Hij gaf bij verschillende gelegenheden aan dat zijn dood naderde. Daarmee probeerde hij de moslims voor te bereiden op zijn afscheid. Tijdens de hadjat al-wada’e sprak hij zijn metgezellen toe en zei: « jullie moeten de hadj rituelen van mij overnemen. Wellicht zal ik jullie na dit jaar niet meer ontmoeten » Moslim. Aan het eind van de maand Safar het elfde jaar van de islamitische jaartelling ging de profeet v.z.m.h. naar de begraafplaats Ohoed. Hij heeft de salaat al-djanazah verricht voor de mensen die daar begraven zijn. Vervolgens ging hij de preekstoel op en zei: «Ik ben een voorganger voor u en ik ben een getuige voor u. Ik zweer bij Allah, ik zit nu naar mijn bassin te kijken. Ik heb de sleutels van de schatten van de aarde gekregen. Ik zweer bij Allah, ik ben niet bang dat u polytheïsten zullen worden, maar ik ben wel bang dat u er naar zal streven om strijd te voeren » Bochari. Imam an-nawawi zei: er zijn een aantal profetische wonderen in deze Hadith. Het eerste is dat zijn oemma over de schatten van de aarde zal beschikken; dat is wel gebeurd. Het tweede is dat zij niet allemaal ten prooi vallen aan afvalligheid. Allah s.w.t. heeft de moslims beschermd tegen afvalligheid. Het derde is dat zij onderling wel strijd zullen voeren en dat is ook wel gebeurd. De symptomen van de ziekte van de profeet v.z.m.h. begonnen te verschijnen en zijn lijden werd per dag steeds heftiger. Deze keer werd hij door een koorts getroffen die zijn metgezellen nog niet hadden gezien. Ibn Mas’oed zei: Ik bezocht de profeet v.z.m.h. terwijl hij hoge koorts had. Ik raakte hem aan, en zei ik: u hebt zeer hoge koorts. Hij zei: «ja, zo veel als twee mannen van jullie. Ik zei: u wordt dan twee keer beloond. De profeet v.z.m.h. zei vervolgens: ja, iedere moslim die door pijn wordt getroffen ten gevolg van ziekte of ander ongemak, Allah zal zijn zonden wegwerpen, zoals een boom haar bladeren wegwerpt » Bochari. Imam al-Qortobi zei: Allah wenst zijn uitverkorenen te beproeven om hun deugd te volmaken en hun rang te verhogen, en niet om hun rechten te verminderen. Zij ontvangen de beproevingen van Allah met overgave en aanvaarding. De gezondheidtestand van de profeet v.z.m.h. ging steeds achteruit. Hij kon niet meer zelfstandig lopen. Hij ging uit het huis van zijn vrouw Maymoenah leunend tussen Fadl ibn Abbas en Ali ben Abie Talieb – moge Allah tevreden met hen zijn – .Fatima zag de gezondheid van haar vader steeds achteruit gaan en zei: « O vader je lijdt veel pijn. Hij zei vervolgens: Je vader zal niet meer lijden na vandaag » Bochari.

Het gebed is de sleutel tot innerlijke rust

De profeet v.z.m.h. raakte steeds meer verzwakt en versuft. Maar toen hij weer bij bewustzijn kwam, moedigde hij de moslims aan om goede daden te doen en de salaat op tijd te verrichten. Hij kwam moeilijk uit zijn woorden, maar hij bleef het volgende zeggen: « as-salaat, as-salaat! Vreest u Allah voor degenen die onder jullie gezag zijn » Aboe Daoud. Het is onze plicht om de aanbeveling van de profeet v.z.m.h. op te volgen. De salaat is de sleutel tot goede en innerlijke rust. De salaat zuivert onze ziel en reinigt ons gedrag. Allah s.w.t. zegt: ﴾ En onderhoudt de salaat. Voorwaar, de salaat weerhoudt jullie van de gruweldaad en van het verwerpelijke. Zeker, het gedenken van Allah is groter en Allah weet wat jullie doen ﴿29/45. Men dient vrouw, man, kinderen, personeel en burgers met vriendelijkheid te behandelen. De ouderen dienen de jongeren met genade te behandelen en de jongeren de ouderen met respect. Daarmee kunnen we genade en samenhang in de samenleving tot stand brengen. De ernst van de ziekte van de profeet v.z.m.h. nam steeds toe. Het schone lichaam werd steeds zwakker totdat de profeet v.z.m.h de salaat in moskee niet meer kon bijwonen. Aisha – moge Allah tevreden met haar zijn – zei: «toen de ziekte van de profeet ernstig werd, vroeg hij: ‘hebben de mensen de salaat verricht?’ Wij zeiden: nee, ze wachten op u, Boodschapper van Allah. Hij zei: doe wat water voor mij in het bad. We hebben het gedaan, hij heeft zich gewassen, maar toen hij weg wilde gaan, raakte hij bewusteloos. Toen hij weer bijkwam vroeg hij: hebben de mensen de salaat verricht? Wij zeiden: nee, ze wachten steeds op u, Boodschapper van Allah. Hij zei: doe wat water voor me in het bad. We hebben het gedaan. Hij heeft zich gewassen maar toen hij weg wilde gaan, raakte hij weer bewusteloos. Hij deed dat voor de derde keer en raakte steeds opnieuw bewusteloos. Toen hij bijkwam vroeg hij opnieuw hebben de mensen de salaat verricht? Wij zeiden: nee, ze wachten nog steeds op u, Boodschapper van Allah. Aisha zei: de mensen verblijven in de moskee; ze wachten op de profeet om de salaat isha te verrichten. De profeet stuurde iemand naar Aboe Bakr om te zeggen dat de boodschapper van Allah hem beval om de mensen in de salaat isha voor te gaan. Aboe bakr was een gevoelige man, daarom vroeg hij Omar om de mensen in de salaat voor te gaan. Omar zei: u bent degene die meer gerechtigd is om in de salaat voor te gaan. Aisha zei: Aboe Bakr is in die dagen de mensen in de salaat voorgegaan. Op een dag voelde de profeet v.z.m.h. zich weer een stuk beter. Hij ging gesteund door twee mannen naar de moskee – één van hen was al-‘abaas – om de salaat dohr te verrichten. Terwijl Aboe Bakr de mensen in de salaat voorging, zag hij de profeet v.z.m.h. en ging hij terug naar achteren om de profeet v.z.m.h. te laten voorgaan. De profeet v.z.m.h. gebaarde dat hij op zijn plaats moest blijven. Hij v.z.m.h. ging naast hem zitten. Aboe Bakr volgde de profeet in zijn salaat waarbij de mensen Aboe Bakr volgden » Moslim.

Het overlijden van de profeet Mohammed v.z.m.h.

Wanneer de profeet v.z.m.h. een lichamelijke klacht had, las hij altijd zelf de Koran en hief zijn handen ten hemel en smeekte de Almachtige Allah om genezing. Aisha – moge Allah tevreden met haar zijn – zei: «wanneer de profeet v.z.m.h. pijn leed, dan las hij de soerat al-Falaq en an-Nas en blies in zijn handen. Maar toen de pijn bij de profeet v.z.m.h. heviger werd, las ik voor hem en wreef met zijn hand over zijn lichaam op hoop van haar zegen » Bochari. Op maandag 12 rabie’ 1 van het elfde jaar van hidjriya (migratie) overleed de profeet v.z.m.h. Anas zei: «terwijl Aboe Bakr de moslims voorging in de ochtend salaat op een maandag, trok de profeet v.z.m.h. de gordijnen van de kamer van Aisha open. Hij keek naar hen; zij stonden in rijen om de ochtend salaat te verrichten; hij glimlachte. Aboe Bakr dacht dat de profeet v.z.m.h. met hen de salaat wilde verrichten. Anas zei: de moslims werden hierdoor zo verheugd dat ze van de salaat afgeleid werden. De profeet v.z.m.h. gaf vervolgens een teken met zijn hand dat zij de salaat moesten voltooien en sloot de gordijnen » Bochari. De gezondheidstoestand van de profeet v.z.m.h. werd alsmaar slechter. De profeet deed zijn hand in het water en waste daarmee zijn gezicht en zegt: « Laaillaha Illallah is er werkelijk doodsstrijd voor de dood ». vervolgens maakte hij zijn hand open en begon te zeggen: ‘naar de hoogste Metgezel’ totdat hij overleed en zijn handen neervielen) Bochari. Toen de moslims het nieuws over de dood van de profeet v.z.m.h. vernamen, stortten ze in elkaar. Ze waren door dat feit ernstig geschokt en ze werden er sprakeloos van. Sommige moslims hebben het nieuws betwist. Ze wilden het niet geloven, sayyidoena Omar – moge Allah tevreden met hem zijn – voorop. Hij zei: er zijn schijnheilige mannen die beweren dat de profeet Mohammed v.z.m.h. gestorven is. De profeet v.z.m.h. is wa-llahi niet gestorven, maar hij is naar zijn Heer gegaan zoals Moessa ibn ‘imraan is gegaan. Hij bleef veertig nachten weg en keerde daarna weer terug, nadat werd gezegd dat hij gestorven was. Omar bedreigde ieder die beweerde dat de profeet v.z.m.h. gestorven was. Aboe Bakr vroeg Omar om te zwijgen, maar het gedrag van Omar was redeloos. Toen Aboe Bark zag dat Omar niet stil te krijgen was, wendde hij zich tot de mensen. Hij begon ze toe te spreken, waarop ze zich van Omar afkeerden en naar Aboe Bakr toe kwamen. Hij prees de Heer en verheerlijkte Hem. Vervolgens zei hij: wie van jullie Mohammed aanbad: Mohammed is echt overleden en wie van jullie Allah aanbidt: Allah is echt levend en onsterfelijk. Vervolgens reciteerde hij: ﴾En Mohammed is niet meer dan een boodschapper, voor hem zijn de boodschappers reeds heengegaan. Als hij dan zou sterven of gedood worden, waarom zouden jullie je dan op jullie hielen omdraaien? En wie zich op zijn hielen zou omdraaien, dat schaadt Allah niets. En Allah zal dankbaren belonen﴿3/144. Omar zei: wa-Allahi, toen ik Aboe Bakr dit vers hoorde reciteren, kon ik niet meer op mijn benen staan en viel ik plotseling op de grond. Toen drong het pas goed tot mij door dat rassoeloe Allahi v.z.m.h. overleden is) Ibn Hicham. Fatima – moge Allah tevreden met haar zijn – heeft de dood van haar vader v.z.m.h. als volgt verkondigd. «O vader, die zich overgaf aan de oproep van zijn Heer! O vader, wiens plaats Djannatoe Al-Firdaus is! O vader, bij Djibriel zullen wij uw dood verkondigen. Toen de profeet v.z.m.h. werd begraven zei Fatima tegen Anas: hoe hebben jullie jezelf kunnen toestaan om de profeet v.z.m.h. te begraven » Bochari.

Foto van Adli Wahid

Gerelateerde artikelen

Nieuwsbrief

Op de hoogte blijven van mijn laatste artikelen? Meld je hier aan voor mijn maandelijkse nieuwsbrief