Wat te leren van de Ramadan

Het islamitisch gebed

In de Koran staat: «Jullie die geloven! Aan jullie is voorgeschreven te vasten, zoals het was voorgeschreven aan hen die er voor jullie waren, hopelijk zullen jullie vroom worden» 2/185. Het vasten tijdens de Ramadan is een van de vijf zuilen van de islam. Vasten komt ook voor bij andere godsdiensten. Allah s.w.t. heeft het vasten tijdens de Ramadan in twee fasen voorgeschreven. In de eerste fase konden moslims kiezen tussen het vasten en het voeden van een arm persoon. Hierover zei Salamah ibn Al-Akoua’: Toen het vers «Degenen die niet kunnen vasten, kunnen een arme voeden» werd geopenbaard, kon men kiezen tussen het vasten en het voeden van een arme, totdat het volgende vers: «En wie van jullie aanwezig is in de maand, laat die dan vasten» werd geopenbaard, werd de keuze tussen het vasten en voeden van een arme opgeheven (mansoehkah)» Bochari. Maar volgens Ibn ‘Abbaas is dit vers niet opgeheven, maar juist bedoeld voor de ouderen die niet meer in staat zijn om te vasten. ‘Ataa’ hoorde ibn ‘Abbaas reciteren: «En degenen die niet kunnen vasten, kunnen een arme voeden» Vervolgens zei ibn ‘Abbaas: dit vers is niet mansoehkah (opgeheven), maar het is bedoeld voor oudere mannen en vrouwen die geen kracht meer hebben om te vasten. Ze kunnen voor elke dag dat ze niet vasten een arm persoon voeden. In de tweede fase heeft Allah s.w.t. de keuze tussen het vasten en voeden van een arme opgeheven. Door de openbaring van het volgende vers «De maand Ramadan is de maand waarin de Koran is neergezonden, als leiding voor de mensheid en als duidelijke bewijs van de leiding en de foerqan. Wie van jullie aanwezig is in de maand, laat die dan vasten» 2/185. Door het verlangen naar gemakkelijkheid, ongemak te voorkomen, en mensen niet te belasten met wat zij niet aankunnen heeft Allah s.w.t. de patiënten, reizigers en ouderen uitgezonderd van het vasten tijdens de Ramadan. Allah s.w.t. zei: «en wie ziek is of op reis, dan is er een aantal andere dagen» 2/185. Het doel van deze uitzondering is het makkelijk maken voor de mensen, want het doel van de aanbidding is de ziel spiritueel te voeden. Geestelijke rijkdom helpt ons om onze hebzucht te beheersen. De Ramadan leert ons om ons over onszelf te bezinnen. Zelfreflectie leidt tot zelfinzicht. Zelfkennis is de sleutel tot succes in deze wereld en in het hiernamaals. Daarom eindigt Allah s.w.t. het Ramadanvers met: «Allah wenst voor jullie het gemakkelijke en niet het ongemak» 2/185. De moslimgeleerden zijn het erover eens dat ouderen en patiënten die aan een chronische ziekte lijden waarvoor geen hoop op herstel is, vrijgesteld zijn van het vasten tijdens de Ramadan; ze kunnen voor elke dag van de Ramadan waarop ze niet hebben gevast een arm persoon voeden. Allah s.w.t. zegt: «Degenen die niet kunnen vasten, kunnen een arme voeden» 2/184.  Want het voeden van een arme tijdens de Ramadan en hem blij zien worden, voedt de geest van de mens. De mens vindt daarin ook zijn innerlijke voldoening, die net zo groot is als wanneer hij of zij mee zou doen aan het vasten tijdens de Ramadan. Maar de patiënten die op herstel hopen, zijn vrijgesteld van het vasten totdat zij beter worden; vervolgens dienen zij de gemiste vastendagen in te halen. In de Koran zegt Allah, Almachtige: «en wie ziek is of op reis, dan is er een aantal andere dagen» 2/185

De relatie tussen Tawhied, de eenheid van Allah de almachtige, en het vasten van de maand Ramadan

Het vasten tijdens de Ramadan is een goede gelegenheid tot verandering en gelegenheid voor de moslim om te leren, waardoor hij zijn rang bij zijn Heer kan verhogen. In het licht van de Ramadan kunnen moslim en moslima de kracht van het gebed voelen. Zij kunnen ook in de verrijking door de Ramadan zegevieren over hun hebzucht. Verandering is een reis van een actuele situatie naar een gewenste situatie. Vasten leert ons om het proces van ontplooiing en verandering op gang te brengen. Ontplooiing van de mens is een manier om zichzelf te ontdekken. Zelfkennis is een manier om Allah s.w.t. te leren kennen. De Ramadan keert elk jaar terug om de koers van het gedrag van moslim en moslima naar het zuivere pad te leiden. De Ramadan keert elk jaar terug om voor ons het pad van vrede te verlichten: vrede met onszelf, vrede met onze omgeving en vrede met het universum. De Ramadan keert elk jaar terug om het licht van liefde in ons hart te ontsteken. Zo leert de Ramadan ons dat het veranderen van een situatie niet alleen door hoop te leiden is, maar door inspanning, toewijding en bezinning. Al-Koran al-Kariem verzekert ons dat ieder mens in zichzelf beschikt over de sleutel tot verandering. Wanneer iemand een vast besluit heeft genomen om zijn manier van denken en leven te veranderen, dan zal Allah s.w.t. hem of haar een hart onder de riem steken, zodat zij hun doel kunnen bereiken. In de Koran staat: «Allah verandert niet wat er in mensen is zolang zij niet veranderen wat er in henzelf is» 13/11. Dit alles gebeurt alleen wanneer een vastende persoon de dimensies van de Ramadan begrijpt en deze op individueel en sociaal niveau diep worden geworteld. «Jullie die geloven! Geeft gehoor aan Allah en de gezant, wanneer Hij jullie oproept tot wat jullie leven geeft» 8/24. Het is vanzelfsprekend dat iedere moslim en moslima erop gebrand zijn om de voetstappen van sayyidoena Mohammed v.z.m.h. te volgen, zowel in het vasten als in zijn leer. Maar zijn de moslim en de moslima vandaag de dag erop  gebrand zijn om de leringen van sayyidoena Mohammed v.z.m.h. te begrijpen? De leer van de profeet v.z.m.h. is primair gebaseerd op at-tawhied (de eenheid van Allah, de Almachtige). Het hoogste niveau van het bewustzijn van de schoonheid van het vasten tijdens de Ramadan en het proeven van zijn spiritualiteit begint bij het beseffen van de betekenis van at-tawhied. Door bezinning over de betekenis van de eenheid van Allah s.w.t. en Zijn kracht in de schepping kan de mens de schoonheid van het tastbare en ontastbare van de schepping van Allah s.w.t. meer begrijpen en voelen. In de Koran staat: «Hij Die zeven hemelen in lagen heeft geschapen. Je ziet in de schepping van de Erbarmer geen tekortkoming. Kijk dan eens om of jij onvolkomenheden ziet. En kijk nog eens tweemaal om, dan zul je jouw ogen beschaamd neerslaan, vermoeid als zij zijn» 66/3-4. Degene die over de filosofie en het doel van de Ramadan nadenkt, vindt erin een gepaste zelfheropvoeding en het beginsel van menselijke waardigheid. Hierdoor kan de mens innerlijk gevoel voor het goede versterken, een scherp geweten ontwikkelen en rust en vrede in zichzelf vinden. «Zij die geloven en wier harten gerustgesteld worden doordat zij Allah gedenken» 13/28

In de Koran staat: «Jullie die geloven! Aan jullie is voorgeschreven te vasten, zoals het was voorgeschreven aan hen die er voor jullie waren, hopelijk zullen jullie vroom worden» 2/185. Het vasten tijdens de Ramadan is een van de vijf zuilen van de islam. Vasten komt ook voor bij andere godsdiensten. Allah s.w.t. heeft het vasten tijdens de Ramadan in twee fasen voorgeschreven. In de eerste fase konden moslims kiezen tussen het vasten en het voeden van een arm persoon. Hierover zei Salamah ibn Al-Akoua’: Toen het vers «Degenen die niet kunnen vasten, kunnen een arme voeden» werd geopenbaard, kon men kiezen tussen het vasten en het voeden van een arme, totdat het volgende vers: «En wie van jullie aanwezig is in de maand, laat die dan vasten» werd geopenbaard, werd de keuze tussen het vasten en voeden van een arme opgeheven (mansoehkah)» Bochari. Maar volgens Ibn ‘Abbaas is dit vers niet opgeheven, maar juist bedoeld voor de ouderen die niet meer in staat zijn om te vasten. ‘Ataa’ hoorde ibn ‘Abbaas reciteren: «En degenen die niet kunnen vasten, kunnen een arme voeden» Vervolgens zei ibn ‘Abbaas: dit vers is niet mansoehkah (opgeheven), maar het is bedoeld voor oudere mannen en vrouwen die geen kracht meer hebben om te vasten. Ze kunnen voor elke dag dat ze niet vasten een arm persoon voeden. In de tweede fase heeft Allah s.w.t. de keuze tussen het vasten en voeden van een arme opgeheven. Door de openbaring van het volgende vers «De maand Ramadan is de maand waarin de Koran is neergezonden, als leiding voor de mensheid en als duidelijke bewijs van de leiding en de foerqan. Wie van jullie aanwezig is in de maand, laat die dan vasten» 2/185. Door het verlangen naar gemakkelijkheid, ongemak te voorkomen, en mensen niet te belasten met wat zij niet aankunnen heeft Allah s.w.t. de patiënten, reizigers en ouderen uitgezonderd van het vasten tijdens de Ramadan. Allah s.w.t. zei: «en wie ziek is of op reis, dan is er een aantal andere dagen» 2/185. Het doel van deze uitzondering is het makkelijk maken voor de mensen, want het doel van de aanbidding is de ziel spiritueel te voeden. Geestelijke rijkdom helpt ons om onze hebzucht te beheersen. De Ramadan leert ons om ons over onszelf te bezinnen. Zelfreflectie leidt tot zelfinzicht. Zelfkennis is de sleutel tot succes in deze wereld en in het hiernamaals. Daarom eindigt Allah s.w.t. het Ramadanvers met: «Allah wenst voor jullie het gemakkelijke en niet het ongemak» 2/185. De moslimgeleerden zijn het erover eens dat ouderen en patiënten die aan een chronische ziekte lijden waarvoor geen hoop op herstel is, vrijgesteld zijn van het vasten tijdens de Ramadan; ze kunnen voor elke dag van de Ramadan waarop ze niet hebben gevast een arm persoon voeden. Allah s.w.t. zegt: «Degenen die niet kunnen vasten, kunnen een arme voeden» 2/184.  Want het voeden van een arme tijdens de Ramadan en hem blij zien worden, voedt de geest van de mens. De mens vindt daarin ook zijn innerlijke voldoening, die net zo groot is als wanneer hij of zij mee zou doen aan het vasten tijdens de Ramadan. Maar de patiënten die op herstel hopen, zijn vrijgesteld van het vasten totdat zij beter worden; vervolgens dienen zij de gemiste vastendagen in te halen. In de Koran zegt Allah, Almachtige: «en wie ziek is of op reis, dan is er een aantal andere dagen» 2/185

De relatie tussen Tawhied, de eenheid van Allah de almachtige, en het vasten van de maand Ramadan

Het vasten tijdens de Ramadan is een goede gelegenheid tot verandering en gelegenheid voor de moslim om te leren, waardoor hij zijn rang bij zijn Heer kan verhogen. In het licht van de Ramadan kunnen moslim en moslima de kracht van het gebed voelen. Zij kunnen ook in de verrijking door de Ramadan zegevieren over hun hebzucht. Verandering is een reis van een actuele situatie naar een gewenste situatie. Vasten leert ons om het proces van ontplooiing en verandering op gang te brengen. Ontplooiing van de mens is een manier om zichzelf te ontdekken. Zelfkennis is een manier om Allah s.w.t. te leren kennen. De Ramadan keert elk jaar terug om de koers van het gedrag van moslim en moslima naar het zuivere pad te leiden. De Ramadan keert elk jaar terug om voor ons het pad van vrede te verlichten: vrede met onszelf, vrede met onze omgeving en vrede met het universum. De Ramadan keert elk jaar terug om het licht van liefde in ons hart te ontsteken. Zo leert de Ramadan ons dat het veranderen van een situatie niet alleen door hoop te leiden is, maar door inspanning, toewijding en bezinning. Al-Koran al-Kariem verzekert ons dat ieder mens in zichzelf beschikt over de sleutel tot verandering. Wanneer iemand een vast besluit heeft genomen om zijn manier van denken en leven te veranderen, dan zal Allah s.w.t. hem of haar een hart onder de riem steken, zodat zij hun doel kunnen bereiken. In de Koran staat: «Allah verandert niet wat er in mensen is zolang zij niet veranderen wat er in henzelf is» 13/11. Dit alles gebeurt alleen wanneer een vastende persoon de dimensies van de Ramadan begrijpt en deze op individueel en sociaal niveau diep worden geworteld. «Jullie die geloven! Geeft gehoor aan Allah en de gezant, wanneer Hij jullie oproept tot wat jullie leven geeft» 8/24. Het is vanzelfsprekend dat iedere moslim en moslima erop gebrand zijn om de voetstappen van sayyidoena Mohammed v.z.m.h. te volgen, zowel in het vasten als in zijn leer. Maar zijn de moslim en de moslima vandaag de dag erop  gebrand zijn om de leringen van sayyidoena Mohammed v.z.m.h. te begrijpen? De leer van de profeet v.z.m.h. is primair gebaseerd op at-tawhied (de eenheid van Allah, de Almachtige). Het hoogste niveau van het bewustzijn van de schoonheid van het vasten tijdens de Ramadan en het proeven van zijn spiritualiteit begint bij het beseffen van de betekenis van at-tawhied. Door bezinning over de betekenis van de eenheid van Allah s.w.t. en Zijn kracht in de schepping kan de mens de schoonheid van het tastbare en ontastbare van de schepping van Allah s.w.t. meer begrijpen en voelen. In de Koran staat: «Hij Die zeven hemelen in lagen heeft geschapen. Je ziet in de schepping van de Erbarmer geen tekortkoming. Kijk dan eens om of jij onvolkomenheden ziet. En kijk nog eens tweemaal om, dan zul je jouw ogen beschaamd neerslaan, vermoeid als zij zijn» 66/3-4. Degene die over de filosofie en het doel van de Ramadan nadenkt, vindt erin een gepaste zelfheropvoeding en het beginsel van menselijke waardigheid. Hierdoor kan de mens innerlijk gevoel voor het goede versterken, een scherp geweten ontwikkelen en rust en vrede in zichzelf vinden. «Zij die geloven en wier harten gerustgesteld worden doordat zij Allah gedenken» 13/28

Over de auteur

Mohamed Ben Ayad

Geestelijke verzorger in het VUMC ziekenhuis in de stad Amsterdam. Gastdocent op diverse universiteiten en vrijdag predikant. Specialist op het gebied van theologie en islamitische jurisprudentie. Schrijf en spreek over ethiek in de zorg en islam.

Gerelateerde artikelen