Leren omgaan met verdriet

Vrede

De mens worstelt met de moeilijkheden van het leven en moet haar lasten dragen. Wanneer hij door verdriet wordt getroffen dan is hij terneergeslagen en wanneer het aan hem voorbijgaat, dan is hij vol blijdschap. De mens brengt zijn dagen tussen vreugde en verdriet door. Het leven van mensen is niet geschapen zonder zorgen en verdriet, maar het is gemengd door de zoetheid van de vreugden en de bitterheid van het verdriet. Allah s.w.t. zegt: «Wij hebben de mens toch in benardheid geschapen» 90/4. De mens bestrijdt zijn ziekte met medicaties, zijn obsessies met de dhikr (het gedenken van Allah), zijn angst door hoop op genade van Allah, zijn twijfels door vertrouwen op de Almacht van Allah en zijn verdriet door zichzelf te troosten door de hoop op goddelijke beloning en zijn sociale contacten. We dienen ons niet aan de ellende van het leven over te geven, wanneer het verdriet dreigt ons te overmannen. We moeten ervoor zorgen dat onze tragedie ons niet overmeestert; dit kunnen we door te leren hoe we hier het beste mee kunnen omgaan. Het menselijk leven is veranderlijk. De mens kan de ene dag gezond zijn en een andere dag ziek worden. Voor een andere persoon geldt precies het tegenovergestelde: op de ene dag is men ziek en op een andere dag voelt men zich beter. Het menselijk leven wordt niet altijd bepaald door rationele wetten, noch door theoretische denkbeelden. De wijsheid van Allah s.w.t. in Zijn schepping overstijgt het menselijke mentale en Zijn Qadar in het leven is beweeglijk  Ieder dient zichzelf te beschermen tegen de gedachten die angst veroorzaken, want die kunnen het leven ernstig negatief beïnvloeden. Negatieve gedachten voorzien het ergste en de gemoederen voorspellen het slechtste. Op een gegeven moment ontstaat een situatie waarin men wordt overvallen door moedeloosheid. Het optimisme verdwijnt: hoop, zelfverzekerdheid en vertrouwen op Allah, de Almachtige, zullen snel vervliegen. Hoe meer de angst voor iets toeneemt, des te meer zal stress, verdriet en  bezorgdheid toenemen.

Het gevolg van een pessimistische blik

Velen van ons putten hun denkvermogen uit in situaties die nog niet voorgekomen zijn. Uit ervaring weten we dat datgene waar we het meest bang voor zijn meestal niet gaat gebeuren. Het goddelijke vermogen in de schepping overstijgt het denkvermogen en de angstvisioenen van de mens. Velen van ons verzinken in de duisternis van de toekomst door hun inbeeldingen en niet door hun feitelijke situaties; men ziet zijn toekomst door een pessimistische- en niet door een optimistische blik. Men schrijft zijn lot door twijfels en vermoedens, waaraan men zich vervolgens onderwerpt. De onzekerheid neemt toe, vertrouwen op Allah s.w.t. neemt af en het worstelen met negatieve gedachten wordt alleen maar sterker. Men slikt pijn en verdriet door, ontneemt zich het genot van rust en van het overgeven aan de goddelijke qadar. Dit heeft slapeloosheid en gezondheidsproblemen tot gevolg. Af en toe kunnen ons de volgende woorden van Allah s.w.t. ontschieten: «en wie op Allah zijn vertrouwen stelt, voor die is dat goed genoeg» 65/3. En «behalve de Heer der werelden. Degene Die mij geschapen heeft en Hij leidt mij. Hij is Degene Die mij voedt en Die mij te drinken geeft. En wanneer ik ziek ben, is Hij Die mij geneest. En Degene Die mij doet sterven en mij vervolgens doet leven» 26/77-81. Een man vroeg Haatim al-‘Assam: «waarover baseert u uw vertrouwen op Allah? Haatim zei: op vier karakters: ik weet dat mijn (ar-rizq) levensonderhoud door niemand anders dan ik zal gegeten worden, dat geeft mij innerlijke rust. Ik weet dat mijn werk door niemand anders wordt gedaan, daarom ben ik ermee bezig. Ik weet dat de dood plotseling komt, daarom probeer ik deze niet uit het oog te verliezen. Ik weet dat ik niet uit het oog van Allah verloren kan zijn, daarom heb ik schroom voor Hem» hilyaat al-aouliyaa’ en tabaqaat al-asfiyaa’.

De beloning van een beproeving en het wegnemen van verdriet

Zoals een gunst in haar kern afgunst bij zich draagt, kan tegenspoed ook in haar kern een gunst meedragen. Door tegenspoed leert men geduldig te zijn en verdient daarmee ook Allah’s beloning. Daarom heeft Allah s.w.t. beproevingen gegeven aan zijn profeten en zijn uitverkorenen als teken van Zijn liefde. Deze werkelijkheid moet diep geworteld zijn in het hart van een gelovige. Men moet zich bewust zijn van de omstandigheden van het leven en het doel van de Schepper in dit leven. In deze context zegt de profeet v.z.m.h.: «hoe zwaarder de beproeving, des te groter de beloning. Wanneer Allah s.w.t. van een volk houdt, stelt Hij hem/haar op de proef. Degene die de beproeving accepteert, verdient het welbehagen van Allah, maar degene die ondankbaar is, verdient de ontevredenheid van Allah, de Verhevene» Tirmithi. Uit mijn studie van de biografie van sayyidona Mohammed v.z.m.h. constateer ik dat onze profeet v.z.m.h. degene was die het meest de kwetsbare mensen troostte en probeerde een glimlach op hun gezicht te krijgen. Door medeleven kunnen wonden genezen en het verdriet verlicht worden. Mededogen uiten en begrip tonen voor gevoelens van een zieke of van een ander kwetsbare mens geeft hen een enorme kracht en rust. Sayyidoena Mohammed v.z.m.h. zei: «een sterke gelovige is beter en geliefder bij Allah dan een zwakke gelovige. In beide zit iets goeds. Streef naar datgene u voordeel brengt, roep Allah’s hulp in en geef niet op. Wanneer u iets overkomt, zeg dan niet: als ik dat had gedaan, was dit niet gebeurd, maar zeg: dit is de qadar en wat Allah wilde deed Hij. Want het woordje “als” opent de deur voor de daden van de shaytaan» Moslim. De patiënt wordt heel snel overmand door onzekerheid en twijfels over zijn dokters. Hij wordt overmeesterd door negatieve gedachten; soms verwijt men zichzelf en zegt: als ik dit had gedaan, was dit niet gebeurd en soms maakt hij anderen verwijten en houdt hen verantwoordelijk voor wat hem overkwam. Deze opvattingen zijn tegenstrijdig met de islamitische ‘ aqiedah (geloofsleer). Dit gedrag leidt alleen maar tot meer droefheid, zwakte en wantrouwen. In de bovengenoemde Hadieth adviseert de profeet v.z.m.h. ons om: vertrouwen te hebben, actie te ondernemen, niet wanhopig te zijn en ons te onderwerpen aan de wil van Allah s.w.t. en te zeggen “dit is de qadar en wat Allah wilde deed Hij”. In het verhaal van de profeet Yarqoub v.z.m.h. zegt Allah, de almachtige: «O mijn zonen, gaat heen om nieuws in te winnen over Youssef en zijn broer en wanhoopt niet aan de genade van Allah» 12/87.

De mens worstelt met de moeilijkheden van het leven en moet haar lasten dragen. Wanneer hij door verdriet wordt getroffen dan is hij terneergeslagen en wanneer het aan hem voorbijgaat, dan is hij vol blijdschap. De mens brengt zijn dagen tussen vreugde en verdriet door. Het leven van mensen is niet geschapen zonder zorgen en verdriet, maar het is gemengd door de zoetheid van de vreugden en de bitterheid van het verdriet. Allah s.w.t. zegt: «Wij hebben de mens toch in benardheid geschapen» 90/4. De mens bestrijdt zijn ziekte met medicaties, zijn obsessies met de dhikr (het gedenken van Allah), zijn angst door hoop op genade van Allah, zijn twijfels door vertrouwen op de Almacht van Allah en zijn verdriet door zichzelf te troosten door de hoop op goddelijke beloning en zijn sociale contacten. We dienen ons niet aan de ellende van het leven over te geven, wanneer het verdriet dreigt ons te overmannen. We moeten ervoor zorgen dat onze tragedie ons niet overmeestert; dit kunnen we door te leren hoe we hier het beste mee kunnen omgaan. Het menselijk leven is veranderlijk. De mens kan de ene dag gezond zijn en een andere dag ziek worden. Voor een andere persoon geldt precies het tegenovergestelde: op de ene dag is men ziek en op een andere dag voelt men zich beter. Het menselijk leven wordt niet altijd bepaald door rationele wetten, noch door theoretische denkbeelden. De wijsheid van Allah s.w.t. in Zijn schepping overstijgt het menselijke mentale en Zijn Qadar in het leven is beweeglijk  Ieder dient zichzelf te beschermen tegen de gedachten die angst veroorzaken, want die kunnen het leven ernstig negatief beïnvloeden. Negatieve gedachten voorzien het ergste en de gemoederen voorspellen het slechtste. Op een gegeven moment ontstaat een situatie waarin men wordt overvallen door moedeloosheid. Het optimisme verdwijnt: hoop, zelfverzekerdheid en vertrouwen op Allah, de Almachtige, zullen snel vervliegen. Hoe meer de angst voor iets toeneemt, des te meer zal stress, verdriet en  bezorgdheid toenemen.

Het gevolg van een pessimistische blik

Velen van ons putten hun denkvermogen uit in situaties die nog niet voorgekomen zijn. Uit ervaring weten we dat datgene waar we het meest bang voor zijn meestal niet gaat gebeuren. Het goddelijke vermogen in de schepping overstijgt het denkvermogen en de angstvisioenen van de mens. Velen van ons verzinken in de duisternis van de toekomst door hun inbeeldingen en niet door hun feitelijke situaties; men ziet zijn toekomst door een pessimistische- en niet door een optimistische blik. Men schrijft zijn lot door twijfels en vermoedens, waaraan men zich vervolgens onderwerpt. De onzekerheid neemt toe, vertrouwen op Allah s.w.t. neemt af en het worstelen met negatieve gedachten wordt alleen maar sterker. Men slikt pijn en verdriet door, ontneemt zich het genot van rust en van het overgeven aan de goddelijke qadar. Dit heeft slapeloosheid en gezondheidsproblemen tot gevolg. Af en toe kunnen ons de volgende woorden van Allah s.w.t. ontschieten: «en wie op Allah zijn vertrouwen stelt, voor die is dat goed genoeg» 65/3. En «behalve de Heer der werelden. Degene Die mij geschapen heeft en Hij leidt mij. Hij is Degene Die mij voedt en Die mij te drinken geeft. En wanneer ik ziek ben, is Hij Die mij geneest. En Degene Die mij doet sterven en mij vervolgens doet leven» 26/77-81. Een man vroeg Haatim al-‘Assam: «waarover baseert u uw vertrouwen op Allah? Haatim zei: op vier karakters: ik weet dat mijn (ar-rizq) levensonderhoud door niemand anders dan ik zal gegeten worden, dat geeft mij innerlijke rust. Ik weet dat mijn werk door niemand anders wordt gedaan, daarom ben ik ermee bezig. Ik weet dat de dood plotseling komt, daarom probeer ik deze niet uit het oog te verliezen. Ik weet dat ik niet uit het oog van Allah verloren kan zijn, daarom heb ik schroom voor Hem» hilyaat al-aouliyaa’ en tabaqaat al-asfiyaa’.

De beloning van een beproeving en het wegnemen van verdriet

Zoals een gunst in haar kern afgunst bij zich draagt, kan tegenspoed ook in haar kern een gunst meedragen. Door tegenspoed leert men geduldig te zijn en verdient daarmee ook Allah’s beloning. Daarom heeft Allah s.w.t. beproevingen gegeven aan zijn profeten en zijn uitverkorenen als teken van Zijn liefde. Deze werkelijkheid moet diep geworteld zijn in het hart van een gelovige. Men moet zich bewust zijn van de omstandigheden van het leven en het doel van de Schepper in dit leven. In deze context zegt de profeet v.z.m.h.: «hoe zwaarder de beproeving, des te groter de beloning. Wanneer Allah s.w.t. van een volk houdt, stelt Hij hem/haar op de proef. Degene die de beproeving accepteert, verdient het welbehagen van Allah, maar degene die ondankbaar is, verdient de ontevredenheid van Allah, de Verhevene» Tirmithi. Uit mijn studie van de biografie van sayyidona Mohammed v.z.m.h. constateer ik dat onze profeet v.z.m.h. degene was die het meest de kwetsbare mensen troostte en probeerde een glimlach op hun gezicht te krijgen. Door medeleven kunnen wonden genezen en het verdriet verlicht worden. Mededogen uiten en begrip tonen voor gevoelens van een zieke of van een ander kwetsbare mens geeft hen een enorme kracht en rust. Sayyidoena Mohammed v.z.m.h. zei: «een sterke gelovige is beter en geliefder bij Allah dan een zwakke gelovige. In beide zit iets goeds. Streef naar datgene u voordeel brengt, roep Allah’s hulp in en geef niet op. Wanneer u iets overkomt, zeg dan niet: als ik dat had gedaan, was dit niet gebeurd, maar zeg: dit is de qadar en wat Allah wilde deed Hij. Want het woordje “als” opent de deur voor de daden van de shaytaan» Moslim. De patiënt wordt heel snel overmand door onzekerheid en twijfels over zijn dokters. Hij wordt overmeesterd door negatieve gedachten; soms verwijt men zichzelf en zegt: als ik dit had gedaan, was dit niet gebeurd en soms maakt hij anderen verwijten en houdt hen verantwoordelijk voor wat hem overkwam. Deze opvattingen zijn tegenstrijdig met de islamitische ‘ aqiedah (geloofsleer). Dit gedrag leidt alleen maar tot meer droefheid, zwakte en wantrouwen. In de bovengenoemde Hadieth adviseert de profeet v.z.m.h. ons om: vertrouwen te hebben, actie te ondernemen, niet wanhopig te zijn en ons te onderwerpen aan de wil van Allah s.w.t. en te zeggen “dit is de qadar en wat Allah wilde deed Hij”. In het verhaal van de profeet Yarqoub v.z.m.h. zegt Allah, de almachtige: «O mijn zonen, gaat heen om nieuws in te winnen over Youssef en zijn broer en wanhoopt niet aan de genade van Allah» 12/87.

Over de auteur

Mohamed Ben Ayad

Geestelijke verzorger in het VUMC ziekenhuis in de stad Amsterdam. Gastdocent op diverse universiteiten en vrijdag predikant. Specialist op het gebied van theologie en islamitische jurisprudentie. Schrijf en spreek over ethiek in de zorg en islam.

Gerelateerde artikelen